Informatie over de rioolpomp

De rioolpomp:

weetjes & tips
De meeste woonboten zijn via een rioolpomp aangesloten op het riool. De boten die nog op het water lozen (vooral varende schepen), gaan binnenkort ook aan het riool.

De rioolpomp hoe werkt dat ding? Welke storingen kunnen optreden? En wat kun je zelf doen aan onderhoud?

Hieronder enkele weetjes & tips. Versnijdend of niet-versnijdend Je hebt grofweg twee typen rioolpompen: versnijdende en niet-versnijdende. Een versnijdende pomp kan veel druk leveren, maar is duurder en maakt meer geluid dan een niet-versnijdende.

De maatvoering van de rioolbuis op de wal is bepalend voor het soort pomp. 

Stroom: 380 of 220? Een pomp op 380 volt is een paar honderd euro goedkoper dan een pomp op 220 volt. Het loont dus om even naar het energiebedrijf te bellen om te vragen of het mogelijk is 380 volt aan te leggen. Vaak is dat een kwestie van een draadje doortrekken.

Veiligheidskleppen: Vlak boven de rioolpomp zit een keerklep. Die zorgt ervoor dat het weggepompte water niet terugstroomt in de pomp. In het putje op de wal moet ook een keerklep zitten. Die treedt in werking als de keerklep bij de pomp het begeeft. Ook als de rioolslang wordt afgekoppeld, moet die keerklep in de put ervoor zorgen dat het gemeenteriool niet leegstroomt in het water.

Storingen: De onderhoudsmonteurs komen van alles tegen in de rioolpompen: wc-blokhouders, afwasborstels, schelpen, knikkers, stukken glas en scherven serviesgoed. Over het algemeen kunnen de messen van een versnijdende pomp daar wel tegen. Die slaan die harde delen gewoon weer terug in het reservoir (maar echt goed is het niet natuurlijk). Textiel wordt meestal wel versneden als de pomp goed is afgesteld. Problematisch zijn condooms. Die zijn zo elastisch dat ze niet versneden worden maar in het snijsysteem vastdraaien. In de prullenbak ermee dus.

Ontluchtingsslangetje: De meeste storingen zijn het gevolg van een verstopte ontluchtingsslang. Dit slangetje tussen pomp en reservoir moet openblijven om de lucht uit de pomp af te voeren. Maar alleen zoiets futiels als een tandenstoker kan ervoor zorgen dat het slangetje verstopt raakt.

Je kan ontluchtingsslangen aanleggen met een grotere diameter. Dat kost bijna niks, en het aantal storingen neemt flink af.

Ontvetten: Als de nalooptijd en de druk goed zijn afgesteld, kun je de pomp zelf onderhouden door regelmatig de oliedruk te controleren (via de olieplug) en het reservoir te inspecteren. Is de boel van binnen erg vet, dan kan de vlotter vast blijven zitten, waardoor de pomp geen signaal meer krijgt dat ie moet pompen. Ontvetten gaat het makkelijkst op de volgende manier: trek de stekker uit de pomp, doe er een fles vloeibare ontstopper van Muscle in (via de dop op het reservoir of via de wc), vul het reservoir met water (bijvoorbeeld door de wc door te trekken) en laat het geheel een nachtje inwerken. Niet vergeten ’s ochtend de stekker er weer in te doen, en al je huisgenoten op de hoogte brengen van je actie. Thermolint In de leiding tussen boot en walput blijft afvalwater staan. Omdat afvalwater redelijk warm is, bevriest het niet zo snel. Maar ben je regelmatig een paar dagen weg in de winter, dan is een thermolint met thermostaat aan te bevelen. Zelf aanleggen en afstellen Als je handig bent, kun je zelf een rioolpomp installeren op je boot. Je kunt de pomp bij Puls in Dieren komen ophalen en krijgt dan ter plekke een instructie van ongeveer een uur, plus een handleiding. Het is vooral belangrijk te letten op de afstelling van de tegendruk. De pomp heeft een bepaalde werkdruk nodig om goed te functioneren. Die tegendruk kun je instellen met de afsluiter. Ook de nalooptijd - de tijd dat de pomp nog even ‘schoondraait’ - moet goed ingesteld worden.

Demo 1

Contact informatie

 Woonbootverzekeraar

 Postbus 5

 9000AA Grou

0566-622806

info(at)woonbootverzekeraar.nl